Piet Slootmaaker (1918-1998)

Piet Slootmaaker genoot een ongekende populariteit. Iedereen in Zierikzee en velen daarbuiten kenden Piet. Bij zonnig weer was hij in het centrum van de stad te vinden. Vooral was Piet bekend omdat hij geen enkele schroom had zich tegen bekend en onbekend uit te laten over van alles en nog wat. Zijn veelal joviale en opgewekte karakter stond borg voor een groet en een praatje. Daarbij moeten we meteen aantekenen dat niet iedereen de opmerkingen van Piet kon waarderen. Maar zodra duidelijk was, wie dit had gemaakt, haalden de meesten hun schouders op, met zo iets van: O, dat is Piet. Pieter Cornelis, zoals Piet officieel heette, kende Zierikzee op z’n duimpje. Hij was er geboren en getogen. Met zijn ouders en zijn acht broers en zussen groeide Piet op in hun woning aan het Kerkhof. In plaats van de gebruikelijke zes jaar vesrigde Piet zijn eerste record door elf jaar over de lagere school te doen. In zijn tijd was er nog niet het speciaal onderwijs want daar was Piet op zijn plaats geweest. Na de school volgde een arbeidszaam leven. Piet werkte eerst bij zijn vader op het land. Daar leerde hij de kneepjes van het landbouwvak zodat hij later als boerenknecht aan de slag kon gaan. Vele klussen en baantjes kwamen op zijn weg. Het ging vaak om zwaar werk zoals het laden van suikerbieten in de schepen aan de Nieuwe Haven. Toen later steeds minder arbeidskrachten nodig waren in de landbouw ging Pie
t werk doen dat daar nauw bij aansloot. Voor werken was Piet nooit te beroerd, en op de foto is te zien dat hij het ruwe handwerk niet schuwde, ook al betekende dat stof of meel in het gezicht. Hij bracht werkzame jaren door bij onder andere de Heidemaatschappij en Staatsbosbeheer en bij de Coöperatieve Aankoopvereniging, later de Cebeco, in hun vestiging aan de Julianastraat bij de graansilo. Later ging Piet het rustiger aan doen. Piet kwam terecht op het werkvoorzieningschap de Zuidhoek waar hij werkte op de metaalafdeling. Nog lang woonde Piet in het ouderlijk huis aan de Wevershoek. Na het overlijden van zijn moeder en de verhuizing van zijn vader naar de Corneliastichting bleef hij met behulp van een werkster en de maaltijden van ‘Tafeltje
Dekje’ nog enkele jaren zelfstandig wonen. Het echtelijk geluk is Piet niet ten deel gevallen. Hij had het graag anders gezien. Toen een van zijn kameraden in het huwelijk trad, kwam Piet bij de familie informeren hoe die dat toch voor elkaar had gekregen. Piet moest zich vergenoegen met het vrouwelijk schoon om hem heen. Daar is ook de meest bekende uitspraak van Piet aan ontleend, want hij schroomde nimmer als er iets moois langskwam luidkeels op te merken: ‘Oe kan’t zo groeie’ (Hoe kan het zo groeien) al of niet gevolgd door enkele opmerkingen die menig meisje of jonge vrouw tot in de nek deed kleuren. Ze gaven aanleiding tot een stevige pas of een extra trap op de fietspedalen. Menig vrouw pakte het anders aan en gaf Piet een gepaste reactie waarmee ze inhaakte op zijn humor. Piet had zijn favoriete plek bij restaurant Concordia aan het Havenplein. Vooral toen Piet ‘van Drees’ ging genieten. Hij was ondertussen verhuisd naar Schouwenoord aan de Touwbaan. Dat Piet breed werd gewaardeerd, bleek in 1990 na de herinrichting van het Zierikzeese centrum. Speciaal voor hem werd door de gemeente het Piet Slootmaaker-bankje geplaatst bij Concordia. Samen met zijn vriend burgemeester Asselbergs en in gezelschap van wethouders Van Gastel en De Rijke werd het bankje door Piet ingewijd met een glas bier. Het bankje is tegenwoordig te vinden op het Kraanplein. (foto: resp. JDC Berrevoets en Zierikzee-Monumentenstad)

 

tekst: Huib Uil, gemeentearchivaris van Schouwen-Duiveland