GEMEENTEHUIS

STORMACHTIGE ONTWIKKELINGEN

De gemeentelijke herindeling van Schouwen-Duiveland was de aanleiding voor de opdracht tot de bouw van een nieuw gemeentehuis in 2000. Was er tot 1962 nog sprake van een lappendeken van achttien kleinschalige gemeentes met ieder een eigen bestuur, daarna werd  het aantal gemeentes via een proces van samenvoeging teruggebracht naar zes: Wester Schouwen, Midden Schouwen, Zierikzee, Brouwershaven, Duiveland en Bruinisse. Tenslotte kwam er in 1997 een definitief einde aan dit proces met de instelling van één gemeente Schouwen-Duiveland. Om de samenvoeging ook organisatorisch goed vorm te geven besloten de zes gemeentes al in 1996 om alle ambtenaren samen onder te brengen in één gebouw met als vestigingsplaats Zierikzee. Ook de locatie voor het nieuwe gemeentehuis werd vastgelegd in een besluit van de zes afzonderlijke, gemeentelijke besturen. Het nieuwe gemeentebestuur, geïnstalleerd in januari 1997, nam deze be

sluiten over. Sindsdien hebben de consequenties van de herindeling de gemoederen in Schouwen-Duiveland, maar ook daarbuiten, aardig beziggehouden. Niet alleen voor de ambtenaren, maar ook voor de bevolking betekende de samenvoeging een cultuuromslag. Waren plaatselijke inwoners gewend om de burgemeester of een wethouder even aan te schieten in ’t voorbijgaan, nu was het gemeentebestuur kilometers verderop gevestigd. Logisch dus dat dit proces van verandering niet zonder weerstand verliep. De oude, vaak historische raadhuizen werden verlaten voor een centrale, tijdelijke huisvesting in afwachting van de bouw van een nieuw en op de toekomst gericht gemeentehuis. Wethouder ir. C.W. Veerhoek (foto) nam de lastige taak op zich om de totstandkoming van het nieuwe gemeentehuis in goede banen te leiden, binnen het budget te blijven en de planning aan te houden.

 

DRIEHOEKIG PERCEEL

Niet ver van de historische kern van Zierikzee, net buiten de stadsgracht, net buiten de stadsgracht en de voormalige stadswallen, ligt de locatie voor het nieuwe gebouw. De keuze voor het driehoekig stuk landbouwgrond (foto links boven), begrensd door de Laan van Sint Hilaire, de Nieuwe Koolweg en de Houwersweg, werd niet door iedereen enthousiast begroet. De cultuurhistorische vereniging Stad en Lande was bezorgd over mogelijke aantasting van het historisch silhouet van Zierikzee. Dat imposante silhouet met de torentjes van de Nobelpoort die de noordelijke toegang  tot de Middeleeuwse stad markeren, het Oude Raadshuis uit de 16de eeuw en de “dikke toren” bij de Nieuwe Kerk, was immers eeuwenlang nagenoeg onveranderd gebleven. Het driehoekige stuk grond kent een bijzondere historie die teruggaat tot de Middeleeuwen. Die historie is alleen nog op de oude stadsplattegronden en in kronieken terug te vinden. In die tijd lag hier een spui, ook wel de “Houwer” genoemd, waaraan de huidige Houwersweg zijn naam dankt. Het spui, een waterbekken afsluitbaar met een schuif, werd gebruikt om het voortdurend door eb en vloed meegebrachte slib met kracht uit de gracht en de haven te kunnen spoelen. Het spui raakte in onbruik, slibde volledig dicht in 1673 en was sindsdien in gebruik als landbouwgrond.

 

OVERGANG STAD NAAR LAND

Het gemeentebestuur koos na een uitvoerige Europese selectieprocedure het architectenbureau Rau & partners uit Amsterdam. De architecten stonden voor de taak een nieuw gemeentehuis te ontwerpen op een gevoelige locatie. Het gebouw vormt letterlijk de overgang van het landelijke naar het stedelijke gebied, maar ook de overgang naar de toekomst, naar een nieuwe vorm van bestuur. Het gemeentebestuur wil vooral de blik op de toekomst richten en gaf opdracht voor een gemeentehuis met een spannende moderne en eigentijdse vormgeving. Al voor de eerste ontwerpschetsen verschenen, kwamen de eerste protesten en er zouden nog vele volgen. Het waren grimmige, maar ook ludieke acties zoals het plaatsen van een praalwagen met de contouren van het nieuwe gemeentehuis op de bouwlocatie. Achter de ramen prijkten foto’s van prominente bestuurders voorzien van prikkelende uitspraken. Zelfs de in het echter ontwerp geplande sedumdaken waren in de vorm van graszoden op de daken aangebracht. De brandweer van Oosterland had er menig uurtje in gestoken om goed voor de dag te komen in de bevrijdingstocht van 5 mei 2000. Om langer plezier te hebben van hun arbeid was de bouwlocatie van het gemeentehuis natuurlijk de parkeerplek voor de praalwagen.

 

OVERTUIGINGSKRACHT

Architect Thomas Rau en wethouder Veerhoek wisten uiteindelijk met overtuigingskracht alle bezwaren te weerleggen. De vormgeving van het ontwerp is zorgvuldig afgestemd op de omgeving met respect voor de monumentale bebouwing. Ook landschapsarchitect Jos van de Lindeloof is in deze planvorming betrokken. Zo wordt het op het terrein aanwezige kruithuisje uit de Eerste Wereldoorlog in ere hersteld en is het een prominent opgenomen in het tuinontwerp. Het kruithuisje is half onder de grond aangelegd en diende voor de opslag van munitie. Het vloeroppervlak van 2 x 1,5 meter bood plaats aan 150 kilo buskruit en 40.000 patronen. Wel heeft de boerderij met opstallen het veld moeten ruimen voor de nieuwbouw. De hoeve werd herbouwd nadat de oorspronkelijke boerderij in 1953 volledig door het water was verwoest. De sloop van de gebouwen heeft voor veel rumoer gezorgd, waar de plaatselijke krant haar pagina’s mee kon vullen. (foto Marijke Folkertsma)

 b

TEGENWIND

Ondanks de plaatselijke tegenwind is de planning toch gehaald en kan de officiële opening van het gemeentehuis, zoals de bedoeling was nog binnen de raadsperiode waarin het is gebouwd (1 januari 1997-15 maart 2002) plaatsvinden. Ook kan wethouder Veerhoek opgetogen melden dat het gebouw met € 9.075.000,- ruim binnen het budget is gebleven. Gemeentelijk projectleider Hans Beek vertelt niet zonder trots: “Schouwen-Duiveland heeft nu een vooruitstrevend, innovatief en duurzaam gemeentehuis. Alles is nieuw, niets is mee verhuisd uit de oude stadshuizen, op het archief na, dat beslaat vijf en een halve kilometer boekenplank.”. Op 3 januari 2002 was het interieur gereed en het gemeentelijk apparaat weer in bedrijf. Beek vervolgt: “Er zijn al veel mensen nieuwsgierig komen kijken en de reacties op het gebouw zijn heel positief.”. Zoveel weerstand als het gebouw aanvankelijk opriep, zoveel bewondering en lof oogst het nu. Maar eigenlijk kwam de omslag al tijdens de bouw. Toen het betonskelet er eenmaal stond en de contouren zichtbaar werden, ontdekten de mensen dat het een bijzonder gebouw ging worden. De Provinciale Zeeuwse Courant (PZC), die het hele proces nauwlettend volgde met grote zorgelijke krantenkoppen, kopte opeens: “Kritiek komt eerst, de trots komt pas later”. 

 

EEN WATERLELIE OP HET EILAND

Aan het silhouet van Zierikzee is een herkenningspunt toegevoegd. Het nieuwe gemeentehuis van Schouwen-Duiveland markeert het begin van een nieuw tijdperk. Met een bijzondere vorm, eigentijdse en milieuvriendelijke materialen, vooruitstrevende energiezuinige installaties zet het gebouw de toon voor de toekomst op weg naar een duurzame, mensvriendelijke samenleving, waarin zorg voor het milieu een belangrijke plaats inneemt. Het besluit van de gemeente Schouwen-Duiveland om een nieuw eigentijds gemeentehuis te bouwen in Zierikzee, net buiten de stadsgracht en vlakbij de historische kern, was een ingrijpende beslissing. Al eeuwenlang is het historische silhouet van veraf herkenbaar in het weidse Zeeuwse landschap. De torens van de middeleeuwse poorten van de stad, de “dikke toren”  van de Nieuwe kerk rijzen hoog op uit het vlakke land. Ook de contouren van de middeleeuwse ommuring zijn nog altijd zichtbaar in de vorm van de aarden wallen langs de stadsgracht. Voor architectenbureau Rau en partners betekende de opdracht voor het ontwerpen van een gebouw in een zo gevoelige historische omgeving een bijzondere uitdaging. Het spreekt voor zich dat de omgeving van het nieuwe gemeentehuis een grote invloed heeft gehad op de ontwikkeling van het gebouwconcept. Het gebouw vormt niet alleen de overgang van het landschappelijke naar het stedelijke gebied maar ook de overgang van het verleden naar de toekomst. Dit laatste niet alleen letterlijk door de nabijheid van het historisch verleden, maar ook in figuurlijke zin: de nieuwe gemeentelijke organisatie wil zich meer profileren met een toekomstgericht beleid. In de vele gesprekken die aan de eerste ontwerpschetsen vooraf gingen, sprak het gemeentebestuur van Schouwen-Duiveland zich uit voor een gebouw met een uitgesproken en eigentijdse uitstraling, die de cultuur van de organisatie weerspiegelt. Kernthema´s voor die bedrijfscultuur zijn doorzichtig, mensvriendelijk en efficiëntie. De gemeente wilde bovendien haar maatschappelijke verantwoordelijkheid op het gebied van zorg voor het milieu zichtbaar maken in een duurzaam gemeentehuis. Met de toepassing van innovatieve, energiezuinige systemen die zoveel mogelijk gebruik maken van natuurlijke bronnen op basis van zogenoemde “low-tech” installaties wil de gemeente een voortrekkersrol vervullen.

 

VIJF BLOEMBLADEN

De vorm van het gebouw is zorgvuldig afgestemd op de randvoorwaarden en eigenschappen van de omgeving. Vijf identieke “bloembladen”, spiraalsgewijs gevouwen tot een gestileerde lelie, vormen de basis van het bouwconcept. De bloem start met een blad van één bouwlaag en wordt telkens met een bouwlaag opgehoogd naar vier bouwlagen (de maximaal voorgeschreven bouwhoogte). Met deze opbouw is enerzijds aansluiting gezocht bij het vlakke polderlandschap en anderzijds bij de schaal van de stedelijke horizon. Bovendien is het zicht op het historische silhouet vanuit de hoofdtoegangsroute naar de stad zo min mogelijk aangetast. Immers, het hoogste deel van het gebouw heeft slechts de omvang van een “bloemblad”. Het in het terrein aanwezige hoogteverschil is in het gebouw opgevangen in de vorm van een souterrain. Om de voetafdruk van het gebouw zo beperkt mogelijk te houden, maar toch het benodigde bouwvolume te realiseren, hellen de gevelwanden vijf graden. Hierdoor lijkt het geheel los te komen van de grond. Als een waterlelie drijft het nieuwe gemeentehuis op het graslandschap en toont vanuit elke richting een ander, vriendelijk gezicht. Zo benadrukt de vorm van het gebouw niet alleen de centrale ligging op het eiland, maar straalt het gemeentehuis toegankelijkheid uit voor alle Schouwen-Duivelanders. 

 

OPEN KARAKTER

Ook het interieur straalt publieksvriendelijkheid uit, waarbij  het open karakter van het gebouw opvalt. Door de schakeling en stapeling van de vijf driehoeken is het ruimtelijk concept spannend met verrassende doorkijkjes en vides. Ondanks het uitgebreide programma van 10.000 m2 vloeroppervlak ontstaat door deze gelede opzet nergens het gevoel van massaliteit. Op de begane grond is de ruime, lichte publiekshal overzichtelijk ingedeeld, waardoor de bezoeker makkelijk zijn weg vindt. Na ontvangst in de entreeruimte met de receptiebalie, wordt de bezoeker als vanzelf langs de balie van de afdeling burgerzaken geleid. De ruimte gaat geleidelijk over in het “dienstenplein”, waaraan de spreekkamers van de sociale dienst zijn gelegen. Hoog boven het plein komt via een grote driehoekige glaskap daglicht binnen, waarmee de gebruikers natuurlijk veranderend licht zelf in het hart van het gebouw ervaren.

 

VISUEEL CONTACT

Open galerijen langs de vide maken wederzijds visueel contact mogelijk tussen de kantoorverdiepingen en het publieksplein. De raadszaal op de eerste verdieping is vanuit het publieksplein bereikbaar via een fraai gebogen trap. Ondanks het open karakter van het gebouw is de veiligheid van de medewerkers maximaal gegarandeerd. Feitelijk zijn alleen de publiekshal en de raadszaal openbaar, de rest van het gebouw is slechts toegankelijk voor het personeel. Een uitzondering vormt het gemeentelijk archief in het souterrain, dat met een eigen entree en eigen publieke voorzieningen zelfstandig kan functioneren. Zo kan het archief ook op zaterdag, als het gemeentehuis gesloten is, worden opengesteld. De archiefruimte biedt plaats aan 5,5 kilometer archief en wordt door het publiek druk bezocht.

 

HOGE KWALITEIT WERKPLEKKEN

Naast een prettige sfeer voor het bezoekende publiek is ook voor de ambtenaren een optimale werksfeer gecreëerd. Uit de reacties in de wandelgangen en de trotse blik waarmee het personeel  de vele belangstellenden rondleidt, mag worden afgeleid dat het ontwerp in zijn opzet is geslaagd. In de driehoekige plattegrond zijn de kantoorruimten als een schil langs de buitengevel geplaatst. Hierdoor is in iedere ruimte een uniek deel van het Zeeuwse panorama te bewonderen. Er is veel aandacht besteed aan de kwaliteit van de werkplekken. Goede verlichting, zonwering, individueel regelbare voorziening tegen hinderlijke spiegeling in het beeldscherm, maar ook brandveiligheidsvoorzieningen als sprinklerinstallatie zijn in iedere werkruimte aanwezig. De klimaatregeling in het gebouw is geregeld via een innovatief, zeer energiezuinig verwarmings- en koelingssysteem. Het basisverwarmingssysteem is in de betonvloeren verwerkt, waarbij gebruik gemaakt wordt van de warmteaccumulerende eigenschappen van beton. In de werkruimte is het klimaat individueel na regelbaar via een speciaal ontwikkeld `klimaatscherm` dat als object boven de werkplek hangt. De installatie is op deze wijze volledig in het architectonisch ontwerp geintegreerd.

NIET BANG VOOR EEN NAT PAK

Een verlaagd plafond om het luchtbehandelingsysteem weg te werken is alleen toegepast daar waar extra ventilatie nodig is, zoals in de vergaderruimten en in het bedrijfsrestaurant. In de gangen is wel overal een systeemplafond aanwezig in verband met de leidingen van de sprinklerinstallatie. Deze sprinklerinstallatie is overal in het gebouw aanwezig, zelfs op onverwachte plaatsen zoals in het archief. De gemeente-archivaris is niet bang voor natte pakken papier. Het echte gevaar komt uit andere hoek en heet schimmel! Deze schimmels zijn zo besmettelijk dat de archiefafdeling beschikt over een quarantaineruimte waar de besmette documenten in strikte afzondering kunnen worden behandeld.

 

LANDSCHAPSONTWERP

Buiten het gebouw speelt water een hoofdrol in het landschapsontwerp van tuin- en landschapsarchitectenbureau Jos van de Lindeloof. De niveauverschillen in het terrein en de spiraalbeweging van het trapsgewijs oplopende gebouw inspireerden Van den Lindeloof tot een tegenbeweging in het landschap. Vijverpartijen, afgeschermd met strakke gebogen dijken, vormen sawa’s die regenwater via vier verschillende waterplateau’s langzaam naar de laaggelegen gracht afvoeren. Het waterniveau in de vijvers wordt gehandhaafd door een natuurlijke bodemafdichting van klei. De vorm van de met gras begroeide dijken is geïnspireerd op de gebogen vormen van het gebouw. De grasweiden tussen de sawa’s zijn zo natuurlijk mogelijk ingezaaid met inheemse beplanting als margrieten, boterbloemen en andere bloeiende weide planten. Van de Lindeloof: “Het landschapsontwerp heeft twee kanten: een zakelijke, stedelijke en een ecologische, natuurlijke kant. De zakelijke kant is vertaald in strakke, lange gebogen lijnen en verhardingen zoals de bestrating van het entreeplein. De sawa’s en de grasweiden vertegenwoordigen de natuurlijke kant.”. De lange lijn die de afscheiding van het parkeerterrein en de stadsgracht vormt, is opgebouwd uit schanskorven waarin opgestapelde brokken Grauwacke, bijeen gehouden worden. Grauwacke is een oranje-rood kleurige graniet soort afkomstig uit het Eiffelgebergte. Aan de entreekant is een verhoogd voorplein van 10 meter breed gecreëerd. Dit plein is verhard met een besrating van donker gebakken klinkers. Bij de entree is de verharding ingestrooid met blauwe geglazuurde klinkers als kleuraccent. Het voorplein is alleen met de auto bereikbaar voor laden en lossen en voorzien van drie parkeerplaatsen voor invaliden. Het parkeren is opgelost als een lange verdiepte strook, waar aan weerszijden plaats is voor 175 dwars geparkeerde auto´s. Tussen de verharde zones aan de entreekant zorgen bloemborders voor kleur in het ontwerp. Zodat de titanium waterlelie in de zomer in een kleurige omgeving drijft.

 

ZEE VAN KLEUR

Terwijl de zee rond het eiland Schouwen-Duiveland spoelt, golft ook in het gemeentehuis door de gangen en kantoren een zee: maar dan van kleur. Hier ligt een kunstwerk van Marcel Kronenberg. Met 9.000m2 tapijt is de grond van het gemeentehuis aangekleed. Het kunstwerk is er niet zonder kritiek gekomen. De Schouwse politiek vond een tapijt maar een tapijt en geen kunstwerk. “Maar toen we begonnen met leggen werden de reacties positiever,” vertelt Kronenberg. Een zestiende-eeuws wandtapijt heeft de Rotterdamse kunstenaar geïnspireerd voor zijn kunstwerk. Bij een eerste blik op het oude tapijt, waarin de slag om Zierikzee in de zestiende eeuw wordt verbeeld, is het lastig een overeenkomst te vinden met zijn werk. Kronenberg licht zijn inspiratiebron nader toe: “Wat mij interesseert, is hoede zee verbeeld is: woest en turbulent. De schuimkoppen van de zee zijn zo verweven dat het diepte geeft aan de golven en dynamiek aan het strijdgewoel. Die diepte wil ik ook in het nieuwe tapijt verbeelden en dat doe k door verschillende kleuren opeenvolgend in elkaar over te laten lopen. “Als een soort golven vindt het tapijt zijn weg dwars door de gangen, kantoren, kantine en de vide. Het patroon trekt zich niks aan van de muren en volgt zijn eigen pad. Zo is geen enkel kantoor hetzelfde. Ze bakenen allemaal een stukje van het patroon af.”.

 

BONTE KLEUREN

Het gemeentehuis geeft aan alle zijden naar buiten toe een weidse blik over Zierikzee. Met zijn werk dat “een zee van ruimte” heeft, wil Kronenburg binnen ook het gevoel van ruimte laten ervaren. Zodat werknemers zch niet beperkt voelen tot hun eigen kantoortje. Op de hogere etages worden de kleuren steeds chiquer en stemmiger: paars en blauw overheersen. Kronenburgs idee hierachter is dat er naar boven steeds meer medewerkers zijn. “Ik wil mensen uit het gemeentehuis niet dag in dag uit in al te bonte kleuren laten werken. Dat wordt teveel van het goede. In de publieke ruimte daarentegen passen die kleuren prima”. Voor het eerst ziet Kronenburg zijn werk in het nieuwe gemeentehuis in gebruik. Terwijl de medewerkers van het gemeentehuis achter hun bureau zitten, bekijken we onder hun voeten en tafels het tapijt nauwkeurig. Er komen verschillende reacties. Iemand is verontrust over vlekken op de lichtere stukken die zijn ontstaan door de verhuizing. “Het moet heel schoon blijven, anders is het effect inderdaad meteen weg,” vindt ook de kunstenaar. Een vrouw vertelt dat ze op elke werkplek in haar kamer de ruimte anders ervaart door het tapijt. Verder zegt ze: “Het kunstwerk komt hier goed tot zijn recht, omdat de rest van het gebouw erg rustig is qua kleur.”. Wat een invloed vloerbedekking kan hebben valt in een ruimte door dit werk pas echt op. “Het is net alsof ik in een kunstwerk werk,” vindt een medewerkster van het gemeentehuis. Kronenburg: “Leuk dat ze dat zegt. Dat is precies mijn bedoeling. Na al het praktische werk dat erbij komt kijken, zou ik dit eerste idee bijna vergeten”. De kunstenaar vertelt dat hij van tevoren niet wilde weten waar de kamer van de burgemeester zou komen, omdat hij anders misschien het patroon zou beïnvloeden. Nu heeft de burgemeester een kamer met een geel stuk in de hoek. Met wat fantasie lijkt het of een hondje het hoekje voor een boom heeft aangezien. “Dat gebeurt als je geen rekening houdt met de plattegrond bij het ontwerpen. Maar dit soort verrassingen waardeer ik ook wel weer,” vindt Kronenburg.

 

 

DRAAIKOLK

De basiskleur van het tapijt is grijs. Eén kantoortje is bijna helemaal grijs op de grond. Aan de zijkanten zitten nog wat druppels rood van de ruimte ernaast waar rood overheerst. De man in het, “saaiste kantoortje”, is zeker niet ontevreden over zijn voornamelijk grijze vloer. Op zijn bureaustoel rijdt hij meteen richting gang om deze ook te prijzen, net als de draaikolk: een spiraal bestaande uit paarse, blauwe en oranje kleuren op de eerste verdieping in de vide. Als het aan hem lag, bestelde hij meteen een persoonlijke draaikolk voor thuis in de woonkamer. Vanaf de tweede verdieping in het trappenhuis kijk je er bovenop. Kronenburg vertelt: “Ik wilde een steen die in het water viel verbeelden, maar dat bleek beeldend niet interessant. Het moest dramatischer en dus heb ik er een draaikolk van gemaakt.

 

VIJF IDEEEN

Omdat de wettelijke verplichting bestaat om een deel van de bouwsom aan kunst te besteden, nodigde de gemeente Schouwen-Duiveland vijf kunstenaars uit voor ideeën. Zij stonden geheel vrij in hun ontwerpkeuze. Uit de vijf totaal verschillende ideeën is het tapijt van Kronenburg gekozen. Andere inzendingen bestonden onder meer uit emmertjes met overspringend water en een videowall met portretten van Schouwen-Duivelanders. Architect Thomas Rau vond het belangrijk dat het kunstwerk wezenlijk onderdeel zou vormen met het gebouw. De uiteindelijke keuze had nog heel wat voeten in de aarde binnen de gemeente. Een meerderheid van de gemeenteraad koos voor het speelse kunstwerk met overspringend water, maar dat gaf volgens de bouwcommissie al snel een troep en was technisch lastig. Dus werd het toch Kronenburg.

FRANKRIJK

Projectinrichter Jan Jurry uit Terneuzen, die door Kronenburg was benaderd, stemde meteen in met het project. “Door zijn enthousiaste inzet is het geslaagd”, benadrukt Kronenburg. Samen zijn ze op zoek gegaan naar een fabriek die het project aandurfde. Deze vonden ze in Frankrijk: Tarkett Sommer. De klus was niet makkelijk. De golfbeweging bestaat uit achtentwintig verschillende tegels van één bij twee meter en samen vormen ze een patroon van zeven bij acht meter. Elke tegel bestaat weer uit miljoenen kleurstippen die allemaal met de hand zijn ingevoerd in de computer. Logistiek gezien was het ook een lastige taak. Alle tegels moesten genummerd en in volgorde vervoerd worden en dan gelegd. Elke tegel is na te

bestellen. Altijd handig als na jaren de kleuren zouden vervagen door de vele voeten die er dagelijks overheen wandelen. “In eerste instantie wilde ik het tapijt uit één stuk uitrollen, dus voordat de muren er stonden. Maar het is onmogelijk om het tapijt al die tijd schoon te houden.” Dus zijn Kronenburg en Jurry overgestapt op tegels. Daar was Kronenburg in eerste instantie niet blij mee, want naden tussen de tegels staan haaks op het idee van oneindigheid en een vloeiende lijn. Maar toen bleek dat de tegels één bij twee meter groot konden zijn, viel het wel mee met de naden. En de naden die er zijn, vervagen in de loop van de tijd vanzelf.

 

ONDERGAANDE ZON

In de raadszaal (foto) ligt het grootste aaneengesloten oppervlak. Drie banen van rustige kleuren maken een golvenpatroon. Kronenburg: “Hier worden belangrijke dingen besloten, dus heb ik het bescheidener van kleur gehouden. “Achterin de zaal, in de hoek bij de ramen ligt rood. “Zo zie je de zee bij ondergaande zon.”.

 

ACTIEF BETON EN SCHONE LUCHT

Als een comfortabele jas biedt het gemeentehuis van Schouwen-Duiveland een individueel regelbare klimaatinstallatie. Al eerder werden klimaatplafonds en betonkernactivering toegepast in gebouwen van Rau & partners, maar in Zierikzee is voor het eerst een combinatie gemaakt. De hoogwaardige betonnen constructie zorgt voor een constant temperatuurniveau, terwijl de plafondelementen kunnen koelen en verwarmen waar dat nodig is. Schone lucht wordt via roosters in de gevel aangezogen. De gemeente kreeg hiermee het verlangde energiezuinige en duurzaam gebouwde huis. “Wij zien het als één van onze maatschappelijke verantwoordelijkheden om een bijdrage te leveren aan de kennis over en uitvoering van energiezuinige gebouwen”, zegt Thomas Rau. “Daarom zijn wij ook voortdurend alert op nieuwe ontwikkelingen en willen wij ook zelf innoverend bezig zijn.” In de tien jaar van haar bestaan ontwikkelde Rau & partners al verschillende producten die onderdeel zijn van een energiezuinig klimaatsysteem. Met de installatieadviseurs van Royal Haskoning (voorheen Ketel Raadgevend Ingenieurs) zijn de technieken voor Zierikzee aangepast, gecombineerd en geoptimaliseerd.

 

BETONKERNACTIVERING

Een voor Nederland relatief nieuw systeem voor het creëren van basiscomfort in een gebouw is betonkernactivering. Dit systeem gaat uit van het accumulerend vermogen van beton, oftewel de eigenschap dat beton warmte vast kan houden en deze langzaam afstaat of opneemt. Met de zogenoemde betonkernactiveing, een buizensysteem in het hart van de betonvloeren, kan de temperatuur van de betonkern worden geregeld. Water wordt continu door een netwerk van flexibele buizen gepompt, zodat het beton gelijkmatig warm of koel is. Door het thermodynamische gedrag van het beton werkt het systeem zelfregulerend, bij een hogere of lagere thermische belasting zal het systeem meer of minder bijdragen aan de afgifte in het vertrek. Met lagere luchttemperaturen kan een hoge behaaglijkheid worden bereikt, omdat ook klimaatplafondelementen zijn toegepast, die plaatselijk stralings- warmte of koeling verzorgen. De energie die nodig is om het gebouw te verwarmen, wordt voor een groot deel gehaald uit de warmte van de afgezogen lucht. Deze warmte wordt door middel van een waterpomp omgezet naar bruikbare energie voor de betonkernactiveing, de ruimteverwarming en de verwarming van de inblaaslucht. Belangrijke “warmtebronnen” van het gebouw, de gebruikers en hun “materieel”, leveren door middel van dit systeem ook een bijdrage aan de energiebesparing. De rest van de warmtebehoefte wordt ingevuld dor twee gasgestookte HR-ketels.

 

PLAFONDELEMENTEN

Met de betonkernactivering is de basis voor comfort gelegd, maar de individuele afstemming geschiedt door middel van klimaatplafonds. Deze klimaatplafonds zijn gepatenteerd door Rau & partners en al eerder toegepast in de Triodos Bank, een Voorbeeldproject Duurzaam Bouwen. In het plafondelement zijn verwarming, koeling en verlichting geïntegreerd in één element, direct boven de werkplek. Bovendien levert het element een bijdrage in de akoestiek en de daglichtreflectie van de ruimte. De stralingswarmte van het element zorgt ervoor dat bij een te lage temperatuur, snel en gericht de werkplek kan worden verwarmd. In samenspraak met de installatie-adviseurs van Royal Haskoning is het formaat van het plafondelement afgestemd op de verlangde capaciteiten op het gebied va verwarming, koeling en akoestiek én op de kantoorruimten waarin het moet hangen. De kantoren geven een gevoel van ruimtelijkheid, dat zeker ook komt doordat de vrije hoogte aanzienlijk is (een verlaagd plafond is immers overbodig) en de bureaus tegen de buitengevel zijn geplaatst (want radiatoren ontbreken).

 

ROOSTERS IN DE GEVEL

Het ventilatiesysteem is een combinatie van natuurlijke inlaat en mechanische afvoer van lucht. In de gevel zijn boven de ramen roosters geplaatst, die de inlaat reguleren. Aan de gangzijde van de ruimten wordt de lucht afgezogen met een ventilatiekanaal in het plafond van de gang. Hierdoor ontstaat een continue onderdruk in de ruimte, die de verse lucht als het ware door de roosters trekt. Jan van Wolferen van Royal Haskoning: “Die roosters verschillen ten opzichte van de exemplaren die bij de Triodos Bank zijn toegepast. Daar waren het nog grote roosters met een tuitje in de kozijnen geïntegreerd, om de lucht met voldoende snelheid over de plafondelementen te kunnen laten stromen. In Schouwen-Duiveland hebben we gekozen voor kleinere roosters, waardoor de stroomsnelheid groter wordt en de lucht makkelijker over de plafondpanelen gaat. Een kwestie van voortschrijdend inzicht.”.

 

FINANCIEEL AANTREKKELIJK

Een opdrachtgever kan “energiezuinig” en “duurzaam” hoog op zijn verlanglijstje hebben staan, maar om uiteindelijk te kiezen voor nieuwe technieken is een grote stap. “Het is altijd knap als een architect zijn opdrachtgever ervan kan overtuigen dat een energiezuinige installatie ook financieel aantrekkelijk kan zijn.”, zegt Guus Zonneveld, commercieel directeur van Van de Velde Groep. De uitvoering van zo´n project verlangt wel een andere aanpak. “Installaties worden steeds ingewikkelder”, zegt Zonneveld. “Twintig procent van het investeringsbedrag voor installaties gaat zitten in het bedieningssysteem.”. De geautomatiseerde regeltechnieken waarmee installateurs tegenwoordig werken, zijn heel hoogwaardig en niet zonder meer te bedienen. Collega Edwin de Looze: “Toen we groen licht kregen om het klimaatsysteem op ‘automatisch’  te zetten, heb ik het project even opgebeld en het systeem vastgezet”.  De Looze laat het makkelijk klinken, maar dat het hier om een geavanceerd systeem gaat, is duidelijk. Vanuit Barneveld wordt de klimaatbeheersing van het gemeentehuis het komend jaar gecontroleerd en geëvalueerd. Hoofdzakelijk per telefoon!

 

TUSSEN STAD EN LAND

Duurzaamheid en eigentijdse uitstraling zijn trefwoorden die het uitgangspunt vormen voor de materiaalkeuze in het ontwerp voor het nieuwe gemeentehuis van Schouwen-Duiveland. De keuze voor materialen is zorgvuldig afgestemd op zowel de praktische eisen, zoals vastgelegd in het programma van eisen, als de architectonische vormgeving en de gewenste uitstraling. De overgang van stad naar land is met materialen vormgegeven, waarbij in vorm, kleur en textuur subtiel invulling is gegeven aan de te verwachten tegenstelling van cultuur versus natuur. Waren de randvoorwaarden van de locatie een uitdaging voor het architectenbureau, de bijzondere vorm van het gebouw betekende voor de aannemer en de onderaannemers een uitvoeringsproces dat vakmanschap en teamwork vereist. Zo is in het hele gebouw nauwelijks een rechte hoek te vinden, waardoor van standaarddetails of routineoplossingen geen sprake kan zijn. Gedegen discussie en overleg tussen de verschillende vaklieden op detailniveau zijn gedurende het gehele bouwproces aan de orde van de dag geweest.

 

SCHUIN SCHOON BETON

De draagconstructie van het gebouw is opgebouwd uit een raster van prefab betonkolommen en in het werk gestorte vloeren. De prefab kolommen van zogenoemd schoon (onbehandeld) beton staan onder een hoek van vijf graden vrij in de ruimte, en dragen bij aan het ruimtelijk beeld. Dezelfde “opgebolde” driehoekige vorm waarop het gebouwconcept is gebaseerd, komt terug in de vorm van de doorsnede van de kolommen. Een lichte uitzondering hierop vormen de v-vormige, driepotige staalkolommen in de publiekshal. Deze kolommen concentreren het gewicht van de verdiepingen op drie punten en voeren dit gewicht af naar vierkante kolommen in het souterrain. In de publiekshal ontstaat door het op deze wijze terugbrengen van het aantal betonkolommen meer doorzicht. Voor de archiefruimte in het souterrain, waar schuinstaande kolommen een enorme capaciteitsvermindering tot gevolg hebben, betekende dit een veel efficiënter ruimte voor de standaardarchiefkasten. Vanwege de bijzondere vorm van het gebouw, maar ook om het innovatieve “betonkernactiveringssysteem” dat het klimaat regelt in de kern van de vloerdoorsnede op te kunnen nemen, is gekozen voor in het werk gestort beton. Al met al een redelijk zware constructie ook omdat het accumulerend vermogen van het beton gebruikt zal worden. Om hoge funderingskosten te vermijden is daarom gekozen voor een licht gevelmateriaal.
Materialen als baksteen of natuursteen zouden een te zware belasting voor de fundering vormen. Omdat de gemeente groot belang hechtte aan duurzaamheid en het onderhoudsvrije karakter van de gevelmaterialen, was de keuze in gevelmateriaal beperkt. Een materiaal dat aan alle ethische en functionele eisen voldoet is titanium. Titanium is het enige metaal dat 100 procent bestand is tegen water, zouten en zuren. Deze eigenschap garandeert dat er tijdens de gehele levenscyclus van het gebouw geen schadelijke stoffen vrijkomen in het milieu, het metaal niet hoeft te worden vervangen en niet behandeld of schoongemaakt met milieubelastende middelen. Bij alternatieve metalen, zoals zink, is gebleken dat de agressieve milieuomstandigheden van nu de levensduur aanzienlijk verkorten, soms zelfs tot een periode van 15 jaar. Titanium daarentegen is volledig opnieuw te gebruiken. Al deze gunstige materiaaleigenschappen leiden tot de conclusie dat titanium op het gebied van duurzaamheid ongeëvenaard is. Ook vanuit het architectonisch concept en de uitstraling scoort het materiaal hoog. Om de verschillende elementen van de bouwmassa een eenheid te laten vormen lag het voor de hand te kiezen voor één materiaal voor de gevelbekleding. Een bijkomende eigenschap van titanium is dat de kleuren in de omgeving van het gebouw enigszins weerspiegelt in het oppervlak. Hierdoor ontstaan nuanceverschillen in het gevelbeeld, ondanks het feit dat overal hetzelfde materiaal is gebruikt. Het levendig beeld en de lichte metaalkleur vorkomen dat het gebouw massief overkomt, terwijl het gebouw zich tegelijkertijd als “landmark” manifesteert. De houten kozijnen die loodrecht in de licht hellende gevel zijn geplaatst, vormen een contrast met de eigentijdse uitstraling van het titanium. Het kozijnmateriaal, onbewerkt western red ceder, is eveneens duurzaam en onderhoudsvrij. De ramen zijn zo ingedeeld dat er van binnenuit kan worden schoongemaakt.

 

BEGROEIDE DAKEN

De tegenstelling van natuur versus cultuur die de locatie kenmerkt is in het gebouwconcept architectonisch zo vertaald in vorm en materiaal, dat de tegenstelling wordt verzacht. Ook de daken doen hieraan mee. De daken zijn voorzien van een begroeiing met sedumplanten, die een meervoudig doel dienen. Enerzijds geeft deze beplanting een verwijzing naar het landschap, anderzijds betekent deze dakbedekking een energiebesparing in de zomer vanwege de vertraging in de opwarming van het dakpakket. Het sedumtapijt biedt bovendien een aangenaam uitzicht voor de mensen die op de daken uitkijken. Zelfs met uitzicht op het dak beleven zij veranderingen van de seizoenen. Voor een sedumtapijt is een extra dakpakket van 8 cm hoogte nodig. Het dakpakket bestaat uit een drainagelaag voor het afvoeren van overtollig vocht en een substraatlaag als voedingsbodem. Om een grote variatie in beplanting te kunnen brengen zijn de planten zowel gezaaid als beplant. Uitsluitend zaaien levert een eenzijdig beeld op omdat alleen met zodevormende planten een snelle aansluiting kan worden bereikt. Het gekozen daktapijt bestaat uit een mengsel van 12 verschillende soorten sedum in een plantdichtheid van 16 stuks per vierkante meter. De kleurstelling van het tapijt is overwegend groen met bruine accenten en verkleurt in de winter naar rood. Het duurt ongeveer een jaar voordat het tapijt volledig is volgroeid. De beplanting vraagt minimaal onderhoud, slechts één keer per jaar hoog opgegroeid onkruid verwijderen is voldoende. Als er in de zomer roodverkleuring optreedt is dat een indicatie van droogte of voedselgebrek in de ondergrondlaag en zal de tuinman het dak op moeten om te sproeien!

 

Gemeente Schouwen-Duiveland
Laan van St. Hilaire 2, 4301 SH Zierikzee
Postadres: Postbus 5555, 4300 JA Zierikzee.

Telefoon: 0111-452000
Telefax: 0111-452452
Email: gemeente@schouwen-duiveland.nl    Website: www.schouwen-duiveland.nl