PIETER MOGGE STANDBEELD

Deftigheid, bezadigdheid, eruditie en een heldere visie op de toekomst. Voor burgemeester Jack Asselbergs zijn dat de eerste impressies die bij hem opkomen bij het zien van het bronzen beeld van Pieter Mogge, dat gistermiddag officieel werd onthuld. Asselbergs complimenteerde de maakster, beeldend kunstenares Marian van Puyvelde (86) met dit fraaie, jongste monument van Zierikzee. Het standbeeld is een geschenk van de Stichting Renesse. “Schouwen-Duiveland heeft niet zo heel veel beelden van verdienstelijke inwoners in de openbare ruimte”, constateert de burgemeester. Met Jacob Cats in Brouwershaven, Pieter Zeeman in Zonnemaire en Job Baster in Zierikzee maakt de bronzen Pieter Mogge dit beelden-trio nu tot een kwartet. Overigens zouden meerdere illustere personen uit het verleden in aanmerking komen voor een dergelijk eerbetoon. Dat bleek uit de lijst met namen die voorzitter Renger Erenst van de Stichting Renesse ten beste gaf. Naast Mogge prijkten daarop elf namen onder wie: Izaak Beekman (natuurkundige), Pieter Caland (waterbouwkundige), Pieter Dignus de Vos (archivaris en auteur) en Jan-Willem van den Berg (uitvinder van de pacemaker). De toestand van het beeld van Jacobs Cats baart de gemeente zorgen op dit moment. Volgens Asselbergs kunnen die zorgen echter ook met de Stichting Renesse worden gedeeld, hetgeen enig zicht op een oplossing biedt. Het beeld van Mogge staat omlijst door bomen naast de Nieuwe Kerk met zicht op de Dikke Toren. Een plaats waar kunst en cultuur in de nabije toekomst naar verwachting ruim baan zullen krijgen met het oog op het project Centrée, ofwel: cultuurplein. Pieter Mogge bracht het tot een van de rijkste Nederlanders. Ware er in de zeventiende en achttiende eeuw een Quote 500 geweest dan had hij zeker in de top honderd gestaan. Volgens gemeente-archivaris Huib Uil was dat vooral te danken aan een samenloop van omstandigheden. “Hij was enige zoon en bleef ongehuwd, zodat een echtgenote die veel uitgaf hem bespaard bleef.” Die opmerking kwam Uil op enig protesterend gemompel vanuit het vrouwelijk publiek in de Nieuwe Kerk te staan gistermiddag. De archivaris nam zijn gehoor mee naar Mogge’s werkkamer, waar hij op 20 februari 1743 eigenhandig zijn voor Zierikzee zo ruimhartig testament schreef. “Zijn familie zal best een beetje sip hebben gekeken toen bleek dat Mogge 420.000 gulden had nagelaten aan zijn vaderstad”, veronderstelt Uil. Marian van Puyvelde zegt zich met plezier te hebben laten inspireren door Pieter Mogge. Zij boetseerde hem in elegante houding en sierlijke kleding. Zo staat hij nu in brons gegoten statig op zijn sokkel als tastbare herinnering aan de man die Zierikzee met een eigen universiteit zo graag een nieuwe impuls had gegeven. Mogge sprekend opvoeren om hem te laten zeggen hoe hij over alles gedacht zou hebben, gaat niet. Uil gebruikt als alternatief een citaat uit de Gijsbrecht van Amstel van Vondel: ‘De liefde tot zijn land is ieder aangeboren’. Dat gold zeker ook voor Mogge en zijn stad. ” De liefde voor Zierikzee was hem aangeboren”, aldus de archivaris. (foto: Dirk-Jan Gjeltema)

Voor velen is het wellicht alleen een straatnaambordje, maar achter de naam schuilt een man die een standbeeld verdient én heeft gekregen, van de Stichting Renesse. Jarenlang is er over gedebatteerd: wat te doen met de centen die Pieter Mogge zijn stad Zierikzee heeft nagelaten. Mogge’s wens was luid en duidelijk: de flink in de slappe was zittende bestuurder droomde van een Zeeuwse universiteit. Het is er nooit van gekomen die wens uit te voeren, maar Pieter Mogge heeft desalniettemin zijn sporen op Schouwen-Duiveland achtergelaten. Een aantal daarvan overduidelijk zichtbaar, zoals de naar hem vernoemde straten (respectievelijk de Mogge- en de Mr. P. Moggestraat in Zierikzee en Dreischor. Iets meer verscholen zijn de voetstappen die Mogge heeft achtergelaten in de Sint Adriaanskerk in Dreischor en in het Stadhuismuseum in Zierikzee. In het Zierikzeese museum hangen twee olieverfschilderijen van de 310 jaar geleden geboren Zierikzeeënaar. En in de zuidbeuk van de kerk in Dreischor is het indrukwekkende praalgraf van de in 1756 overleden Mogge te zien. Na zijn dood werd Mogge bijgezet in de grafkelder van zijn ooms Ockersse in de Adriaanskerk. Met de plaatsing van het standbeeld van Mr. Pieter Mogge bij de Zierikzeese Nieuwe Kerk heeft Schouwen-Duiveland er, dankzij de Stichting Renesse sinds gisteren een nieuw gedenkteken bij. Wellicht dat het beeld passanten aanmoedigt ook de minder zichtbare sporen van Mogge’s leven te volgen. Want het is uiteindelijk vooral het verhaal áchter de man Mogge dat intrigeert. De in de Meelstraat geboren zoon van een Zierikzees regent vervulde na zijn rechtenstudie diverse bestuursfuncties (onder meer opperdijkgraaf en burgemeester) in Zierikzee. In 1737 vertrok hij naar Den Haag om Zeeland te vertegenwoordigen in achtereenvolgens de rekenkamer van de generaliteit en de Staten-Generaal. Ondanks zijn vertrek bleef hij aan zijn geboortestad gehecht. Aat Pattenier van het gemeente-archief Schouwen-Duiveland: „Die stad ging hem echt aan het hart. Zijn streven was om Zierikzee een bepaald niveau te laten houden.” Dat is af te lezen aan de legaten die Mogge na zijn dood naliet. Zo liet de altijd vrijgezel gebleven Mogge een tot in detail uitgewerkt plan na (met maar liefst 420.000 gulden) om een universiteit in zijn geboortestad te stichten. Verzet van de stad Leiden en de Staten van Holland tegen dat plan leidden tot een ruim tien jaar durende strijd. Met negatief resultaat. De gedroomde hogeschool kwam er niet. Ook het door Mogge aangedragen alternatief om het geld te bestemmen voor de wezen van gesneuvelde soldaten kwam – de oorlog was inmiddels voorbij – niet van de grond. Voor de centen van Mogge is evengoed een bestemming gevonden. In de 19e eeuw is bijvoorbeeld, om de visserij in Zierikzee een stevige impuls te geven, een flinke som in de oprichting van De Nieuwe Visscherij (die onder meer een vloot van 16 schepen behelsde) gestoken. Ook droeg Mogge, jaren na zijn dood, nog een flink financieel steentje bij aan de restauratie van monumenten, waaronder het Zierikzeese stadhuis. Hoewel onzichtbaar liet hij ook op deze wijze zijn sporen op Schouwen-Duiveland na. (foto: Marijke Folkertsma)

bron: PZC 15-11-2008